HAM Radio ZendExamens Banner  [ Welkom ]  [ Het waarom ]  [ Examens ]  [ Morse sectie ]  [ QTH Locator ]  [ Lijsten / Tabellen ]  [ Documenten ]  [ Link Sectie ] 
Home » Examen oefeningen » Start pagina F/C examens » Full Exameneisen » 1. Elektriciteitsleer » 1.8 Gemoduleerde signalen

1.8 Gemoduleerde signalen (10 vragen).


Vraag 1


Een FM-zender geeft een draaggolfvermogen af van 10 watt en is belast met een gloeilamp van 15 watt.
De zender wordt met spraak gemoduleerd.

Deze lamp zal:


niet gloeien
in het spraakritme feller gloeien
constant gloeien
alleen tijdens het spreken gloeien


Vraag 2


Bij een 100% met één toon gemoduleerd AM-zendsignaal heeft iedere zijband een amplitude gelijk aan:


78% van de draaggolf
12,5% van de draaggolf
25% van de draaggolf
50% van de draaggolf


Vraag 3


De draaggolf van een AM-zender wordt met één toon gemoduleerd.
Het uitgangssignaal wordt op een oscilloscoop zichtbaar gemaakt.
De oscilloscoop is gesynchroniseerd met het toonsignaal.

Het juiste beeld is:


PE1HVH - image bij vraagnr 1
PE1HVH - image bij vraagnr 2
PE1HVH - image bij vraagnr 3
PE1HVH - image bij vraagnr 4


Vraag 4


De juiste volgorde van toenemende bandbreedte is:


CW, FM-telefonie, EZB-telefonie
FM-telefonie, EZB-telefonie, CW
CW, EZB-telefonie, FM-telefonie
EZB-telefonie, FM-telefonie, CW


Vraag 5


Een bitstroom wordt in 4 PSK gemoduleerd.

Als de bitsnelheid 4800 bits/s is, is de symboolsnelheld:


1200 baud
2400 baud
4800 baud
9600 baud