[
Welkom
] [
Het waarom
] [
Examens
] [
Morse sectie
] [
QTH Locator
] [
Lijsten / Tabellen
] [
Documenten
] [
Link Sectie
]
Home
»
Examen oefeningen
»
Start pagina N/D examens
»
Novice Exameneisen
»
2. Componenten
» 2.2 Condensator
2.2 Condensator (7 vragen).
Vraag 1
Op een condensator staat aangegeven: 20 μF/16 V.
Dit betekent:
de zelfinductie van de condensator is 20 microhenry en de maximale werkspanning is 16 volt
de capaciteit van de condensator is 20 microfarad en de maximale werkspanning is 16 volt
de capaciteit van de condensator is 20 microfarad en de minimale werkspanning is 16 volt
Vraag 2
Welk opschrift op een condensator is juist?
3,3 nF
3,3 mA
3,3 pH
Vraag 3
Elektrolytische condensatoren worden toegepast in:
gelijkspanningsvoedingen
netontstoringsfilters
antenne aanpasschakeling
Vraag 4
Een condensator bestaat uit:
twee geleiders gescheiden door een isolator
twee isolatoren gescheiden door een geleider
een geleider en een isolator gescheiden door een diëlektricum
Vraag 5
De farad is de eenheid van:
impedantie
capaciteit
zelfinductie