[ Welkom ] [ Het waarom ] [ QTH Locator ] [ PA4TON ] [ Examen eisen ] [ Examens 1 ] [ Examens 2 ]
[ Examens 3 ] [ Stel zelf samen ] [ Vragen per Module ] [ Lijsten / Tabellen ] [ Statistieken ] [ Referenties ] [ Linkjes ]

Module : Storing, Veiligheid


Totaal aantal vragen : 10

Vraag 1
U kunt vaststellen dat het door uw zender uitgezonden morsesignaal chirpt door:


Kies het juiste antwoord:
te letten op variaties in uw uitgangsvermogen
te luisteren naar uw eigen signaal
te letten op de staandegolfverhouding
de omhullende van uw eigen signaal op een oscilloscoop te bekijken

Vraag 2
Een amateur stuurt zijn SSB-zender niet te ver uit, maar toch veroorzaakt hij splatterstoring.

Dit kan worden veroorzaakt door:


Kies het juiste antwoord:
parasitair oscilleren van de eindtrap
te hoog zendvermogen
onvoldoende onderdrukking van harmonischen
verkeerde zijbandkeuze (USB/LSB)

Vraag 3
Een amateurzender werkend in de 21 MHz band veroorzaakt storingen in de TV-ontvangst van kanaal 4 (61-68 MHz) .

De storingen kunnen worden opgeheven door:


Kies het juiste antwoord:
in de modulatortrap een laagdoorlatend filter toe te passen
de eindtrap in klasse C in te stellen
een laagdoorlatend filter in de antennevoedingskabel van de zender toe te passen
een hoogdoorlatend filter achter de zender te plaatsen

Vraag 4
Een amateurzender werkend in de 21 MHz band veroorzaakt storing in de frequentieband 61-68 MHz.

De storing kan worden verminderd door:


Kies het juiste antwoord:
de uitsturing van de eindtrap te verkleinen
de afvlakking van de voeding te verbeteren
de frequentiestabiliteit te vergroten
een hoogdoorlaatfilter achter de zender te plaatsen

Vraag 5
Een amateurzender werkend in de 21 MHz band veroorzaakt storingen in de TV-ontvangst van kanaal 4 (61-68 MHz).

De storing kan worden verminderd door:


Kies het juiste antwoord:
de frequentiestabiliteit te vergroten
de uitsturing van de eindtrap te verkleinen
de afvlakking van de voeding te verbeteren
een hoogdoorlaatfilter achter de zender te plaatsen