[ Welkom ] [ Het waarom ] [ QTH Locator ] [ PA4TON ] [ Examen eisen ] [ Examens 1 ] [ Examens 2 ]
[ Examens 3 ] [ Stel zelf samen ] [ Vragen per Module ] [ Lijsten / Tabellen ] [ Statistieken ] [ Referenties ] [ Linkjes ]

Module : Voedingslijnen


Totaal aantal vragen : 10

Vraag 1
Twee stukken coaxkabel met een elektrische lengte van elk 0,25λ en een karakteristieke impedantie van 70 Ω zijn in serie geschakeld.

De staandegolfmeter (SGM), welke is gemaakt voor 50 Ω, geeft een staandegolfverhouding aan van ongeveer:



Kies het juiste antwoord:
2,8
2.0
1,4
1,0

Vraag 2
Van elke coaxkabel is de karakteristieke impedantie en de elektrische lengte gegeven.

De staandegolfmeter (SGM), welke is gemaakt voor 50 Ω, geeft ongeveer aan:



Kies het juiste antwoord:
2
0,7
1,4
1

Vraag 3
De staandegolfmeter is gemaakt voor 50 Ω.
De antenne-aanpassingseenheid (ATU) wordt zo afgeregeld dat de staandegolfmeter (SGM) 1 aanwijst.

Er is nu een staandegolfverhouding van 1 bereikt in:



Kies het juiste antwoord:
alleen kabel 1
kabel 1 en kabel 2
geen van beide kabels
alleen kabel 2

Vraag 4
De staandegolfmeter is gemaakt voor een impedantie van 50 Ω.
De antenne-aanpassingseenheid (ATU) wordt zo afgeregeld dat de staandegolfmeter (SGM) 1 aanwijst.

Er is nu een staandegolfverhouding van 1 in:



Kies het juiste antwoord:
alleen kabel 2
alleen kabel 1
geen van beide kabels
kabel 1 en kabel 2

Vraag 5
De staandegolfmeter (SGM) is gemaakt voor 50 ohm.
De antenne-aanpassingseenheid (ATU) wordt zo afgeregeld dat de staandegolfmeter 1 aanwijst.

In welke kabel is nu een staandegolfverhouding van 1 bereikt



Kies het juiste antwoord:
alleen kabel 1
geen van beide kabels
alleen kabel 2
kabel 1 en kabel 2