[ Welkom ] [ Het waarom ] [ QTH Locator ] [ PA4TON ] [ Examen eisen ] [ Examens 1 ] [ Examens 2 ]
[ Examens 3 ] [ Stel zelf samen ] [ Vragen per Module ] [ Lijsten / Tabellen ] [ Statistieken ] [ Referenties ] [ Linkjes ]

Module : Ontvangers


Totaal aantal vragen : 10

Vraag 1
Aan de ingang van een ontvanger zijn sterke signalen aanwezig op 145,5 MHz en op 144,8 MHz.

Welke intermodulatie-producten kunnen ontstaan:


Kies het juiste antwoord:
144,1 MHz en 146,2 MHz
145,5 MHz en 146,2 MHz
144,1 MHz en 144,8 MHz
144 MHz en 146 MHz

Vraag 2
Een hf-ontvanger heeft een mf-versterker op 500 kHz (centrale frequentie) met een bandbreedte van 3000 Hz.
Om een J3E bovenzijbandsignaal in de 20-meter amateurband te ontvangen is de 1e oscillator ingesteld op 14,7 MHz.

Voor optimale verstaanbaarheid wordt de hulposcillator (BFO) ingesteld op:


Kies het juiste antwoord:
497 kHz
501,5 kHz
498,5 kHz
500 kHz

Vraag 3
Een ontvanger met een eerste middenfrequentie van 9 MHz en een tweede middenfrequentie van 455 kHz wordt gebruikt om EZB-gemoduleerde signalen te ontvangen.

De oscillatorfrequentie voor de productdetector is ongeveer



Kies het juiste antwoord:
9003 kHz
455 kHz
910 kHz
9 MHz

Vraag 4
Een superheterodyne ontvanger is zodanig afgestemd, dat een antennesignaal van 12 MHz kan worden ontvangen.
De middenfrequentie is 1,5 MHz.

De oscillatorfrequentie van deze ontvanger is:


Kies het juiste antwoord:
15 MHz
10,5 MHz
9 MHz
3 MHz

Vraag 5
Het circuit voor de automatische versterkingsregeling van een EZB-ontvanger heeft bij voorkeur een afvaltijd van ongeveer:


Kies het juiste antwoord:
1 minuut
1 milliseconde
1 seconde
1 microseconde