[ Welkom ] [ Het waarom ] [ PA4TON ] [ Examen eisen ] [ Examens 1 ] [ Examens 2 ] [ Examens 3 ]
[ Stel zelf samen ] [ Vragen per Module ] [ QTH Locator ] [ Lijsten / Tabellen ] [ Statistieken ] [ Referenties ] [ Linkjes ]

C-Examen : 1991 Voorjaar


Totaal aantal vragen : 50

Vraag 1
Wat is juist?


Kies het juiste antwoord:
wanneer de amateurdienst op een frequentieband een primaire status heeft, kan de radiozendamateur recht doen gelden op exclusief en storingvrij gebruik van die frequentieband
wanneer de amateurdienst op een frequentieband een secundaire status heeft, kan de radiozendamateur recht doen gelden op exclusief en storingvrij gebruik van die frequentieband
op de toegewezen amateurfrequentiebanden kan de radiozendamateur recht doen gelden op exclusief en storingvrij gebruik
de radiozendamateur kan geen recht doen gelden op exclusief en storingvrij gebruik van de toegewezen amateurfrequentiebanden

Vraag 2
Het toegestane zendvermogen voor een A-machtiginghouder is in de 2-meter amateurband:


Kies het juiste antwoord:
15 W
30 W
100 W
200 W

Vraag 3
In welke frequentieband moet de radiozendamateur wijken voor een primaire dienst ?


Kies het juiste antwoord:
7,0 - 7,1 MHz
14,0 - 14,35 MHz
10,1 - 10,15 MHz
28,0 - 29,7 MHz

Vraag 4
Het zendvermogen van een zender van een A-machtiginghouder bedraagt 120 watt.
De zender kan een maximaal zendvermogen leveren van 300 watt.

De aanwezigheid van deze zender is:


Kies het juiste antwoord:
toegestaan
niet toegestaan
toegestaan als het zendvermogen wordt teruggeregeld tot 100 watt
toegestaan als de machtiginghouder tijdens de uitzending

Vraag 5
In de machtigingsvoorschriften en beperkingen wordt bij toepassing van frequentie- of fasemodulatie 'het zendvermogen' gedefinieerd als:


Kies het juiste antwoord:
het effectief uitgestraald vermogen van de aan de zendinrichting gekoppelde antenne-inrichting
25% van het door de direct met de antenne- inrichting te koppelen trap afgegeven gemiddeld vermogen, gerekend over een periode van de hoogfrequent uitgangswisselspanning tijdens het maximum van het modulerende signaal
het maximaal vermogen dat door de aan de antenne- inrichting gekoppelde transmissielijn aan de antenne wordt afgegeven
het door de direct met de antenne-inrichting te koppelen trap van de zendinrichting afgegeven gemiddelde vermogen